Anri Volochonski was een van de belangrijkste dichters van de Leningradse underground in de jaren zestig en zeventig van de
vorige eeuw. Hij is geboren in 1936, werd
opgeleid als biochemicus, schreef een dissertatie over het beheer en onderhoud van
de Russische meren en werkte een paar
jaar in Moermansk in het hoge noorden
van Rusland. Zijn eerste gedichten schreef
hij in de jaren vijftig onder invloed van de
jong gestorven dichter Roald Mandelstam
(1832-1961). Kort voor diens dood leerde
hij de dichter-zanger Aleksej Chvostenko
(1940-2004) kennen, samen met wie hij een
aantal gedichten en toneelstukken schreef.
Een van Volochonski’s gedichten, ‘Raj’
(‘Het paradijs’ – ‘Nad nebom golubym est
gorod zolotoj’ – ‘Boven de blauwe hemel
is een gouden stad’) werd een nationale hit
in de uitvoering van de bard Boris Grebensjtsjikov. Volochonski’s publicaties verschenen uitsluitend in de samizdat.
Toen Brezjnev begin jaren zeventig besloot dat Joden mochten emigreren verliet
ook Volochonski de Sovjet-Unie en vestigde zich in Israël. Daar zette hij zijn beroep
voort en deed tien jaar onderzoek naar de
flora en fauna van het Meer van Tiberias
(Meer van Galilea). Pas in 1983 werd zijn
eerste dichtbundel gepubliceerd (bij de
Amerikaanse uitgever van Russische literatuur Ermitazh). Twee jaar later vertrok
Volochonski naar München, waar hij ging
werken voor Radio Svoboda. Geleidelijk
verschenen er meer uitgaven van zijn werk,
maar een populair dichter is hij nooit geworden, daarvoor is zijn werk te hermetisch, te
weinig open voor eenduidige interpretatie
of, zoals een criticus het heeft uitgedrukt,
problematisch ten gevolge van de ‘onmenselijkheid en extravagantie ervan’. Dat
laatste oordeel wordt duidelijk weersproken als je de gedichten zorgvuldig leest en
misschien nog meer als de dichter ze zelf
voordraagt. Op de site arzamas.academy/special/volohonsky is hij uitstekend te beluisteren.
Sinds de jaren negentig is Volochonski’s werk ook in Rusland gepubliceerd en
heeft de dichter een legendarische status
gekregen. In 2012 verscheen een uitgave
van zijn verzameld werk in drie delen.
Van de gedichten in het eerste deel heb ik
er, te hooi en te gras, een aantal vertaald.
Ze dienen als eerste kennismaking, maar
Volochonski is het waard veel uitvoeriger
en zorgvuldiger gelezen, bestudeerd en
vertaald te worden.